Voorbeelden uit de praktijk

19 Miljoen Limburgse Milieukeur komkommers uit Californië

Frank van Lipzig van komkommerkwekerij Van LipzigIn het buurtschap Californië (gemeente Horst aan de Maas) teelt Frank van Lipzig zo’n 19 miljoen komkommers per jaar. Sinds kort is de gehele teelt Milieukeur gecertificeerd. Voor Van Lipzig was het geen gemakkelijke opgave, maar de moeite waard.

“Nog maar in 2007 ben ik hier ons bedrijf begonnen”, vertelt Frank van Lipzig (38 jaar). “Mijn ouders hadden op een andere plek ook al een komkommerbedrijf, dus de teelt is me wel met de paplepel ingegoten. Ik wilde het wel een beetje anders doen, daarom heb ik een paar jaar geleden de strategie gekozen om te gaan voor de bovenkant van de markt. Ik ben aangesloten bij komkommertelersvereniging Kompany, zij zorgen voor de verkoop en hebben dus het meeste klantcontact. Via Kompany werd ik erop gewezen dat er marktvraag is voor komkommers met Milieukeur. Daarop besloot ik al snel dat ik het certificaat wilde halen.”

Heftiger dan ingeschat
Het certificeringsproces viel Van Lipzig niet mee. “Het was heftiger dan ik ingeschat had, ik moest behoorlijk diep gaan om aan de eisen te voldoen, vooral wat betreft registraties. Op zich is dat ook goed, want zo’n certificaat moet ook echt iets voorstellen en toevoegen, natuurlijk.” De opgaven die aandacht vergden waren vooral op het gebied van middelengebruik, energie en waterverbruik. “Een aantal gewasbeschermingsmiddelen viel af”, zegt Van Lipzig, “en het gebruik van toegestane middelen moet je nauwkeurig plannen en verantwoorden. Als je aan het begin van het jaar veel verbruikt, kom je misschien aan het einde van het jaar tekort, omdat je dan aan je limiet zit. Je moet het dus doordacht doseren.”

Hoge draad
Wat betreft het energieverbruik zat van Lipzig al aardig goed. “Sinds vorig jaar telen we met de ‘hoge draad-methode’. Dat houdt in dat je de stam door laat groeien en wanneer je de komkommers eraf snijdt, de plant aan de draad laat zakken. Het is wel arbeidsintensiever, maar omdat door deze methode de opbrengst per plant groeit, bespaar je uiteindelijk energie per geteelde komkommer.” Wat betreft het waterverbruik is Van Lipzig in de gelukkige omstandigheid dat hij toegang heeft tot zoet bronwater en een nieuwe kas heeft met voldoende regenwateropslag. “De enige verandering met Milieukeur is dat ik, wanneer ik drainwater ga spuien, de hoeveelheid gespuid stikstof en het fosfaatgehalte nauwkeurig moet bemonsteren en verantwoorden.”

Milieukeur past in strategie
Volgens Van Lipzig past Milieukeur uitstekend in zijn strategie. “De Milieukeur komkommers zijn iets duurder, maar de eindklant heeft dat ervoor over. Het sluit goed aan bij mijn wens voor het hogere segment te telen, waarin aandacht voor duurzaamheid loont.”

  • Feiten en cijfers
    Op een oppervlak van 8,5 hectare werkt Frank van Lipzig inmiddels met 15 vaste medewerkers, in het plukseizoen aangevuld met tientallen ingehuurde krachten. De teelt vindt twee keer per jaar plaats: in januari en juli wordt er aangeplant en van maart tot juli en van augustus tot november wordt geoogst. Komkommerkwekerij Van Lipzig gebruikt een warmtekrachtkoppeling (WKK) voor de energievoorziening. Als gietwater voor de planten dient regenwater uit de bassins. Het regenwater wordt ook op het dak van de kassen gesproeid om de temperatuur en het vochtgehalte in de kas te regelen.
De Milieukeur komkommers zijn iets duurder, maar de eindklant heeft dat ervoor over
Terug naar overzicht